Sign In
                   
home
home
 Evenementenagenda
 Nieuwsarchief
 Persarchief
 Publicaties

Zoeken

 

Go Search

 
Elegal editie Wabo 
ELegal


Editie Wabo juni 2010

                          
                          
                          
                          
                          
                          
                          
                          
                          
                          
Bevoegd gezag. Wie neemt straks de beslissingen? 

Volgens het uitgangspunt van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) wordt  straks één bevoegd gezag aangewezen voor de verlening en handhaving van de omgevingsvergunning. Dit bevoegd gezag beslist over alle aspecten die aan bod komen voor de omgevingsvergunning. Ook beslist dit bevoegd gezag over alle aanvragen voor een omgevingsvergunning die later worden ingediend.

De Wabo stelt dat het college van Burgemeester en Wethouders (hierna: B&W) van de gemeente waar het project in hoofdzaak zal worden uitgevoerd het bevoegd gezag is. Als uitzondering hierop kunnen andere bestuursorganen als bevoegd gezag worden aangewezen. Bijvoorbeeld Gedeputeerde Staten (hierna: GS) bij projecten van provinciaal belang en de betrokken Minister bij projecten die een nationaal belang dienen.

Aanvankelijk was het idee om bij de aanwijzing van het bevoegd gezag zo veel mogelijk aan te sluiten bij de huidige taakverdeling tussen gemeente, provincie en het Rijk. Na onderhandelingen tussen het IPO, de VNG en het Rijk is besloten tot decentralisatie van een groot aantal provinciale inrichtingen naar de gemeenten. GS worden alleen nog aangewezen als het bevoegd gezag voor IPPC- en BRZO- inrichtingen. Door de milieuaspecten vallen deze inrichtingen nu ook onder provinciaal gezag. Voor alle overige inrichtingen, die dus momenteel nog onder provinciaal gezag vallen, wordt het college van B&W bevoegd gezag. Er wordt nog wel een tijdelijke voorziening getroffen zodat GS voor het milieudeel van de omgevingsvergunning een deelbevoegdheid krijgt. Deze verplichte verklaring van geen bedenkingen (hierna: vvgb) geldt bij verlening van de vergunning en de handhavingsbevoegdheid voor het milieudeel. Deze bevoegdheden zijn tijdelijk en duren totdat de regionale uitvoeringsdiensten zijn gerealiseerd. Dit is naar verwachting in januari 2012.

Bevoegde bestuursorganen die opgaan in de Wabo krijgen een adviserende bevoegdheid. Daarnaast worden er gevallen aangewezen waarbij een vvgb is vereist. Zonder deze vvgb kan de omgevingsvergunning niet worden verleend. In elk geval moet een vvgb wordt afgegeven door de (voorheen) bevoegde gezagen van de aanhakende toestemmingen uit de Flora- en Faunawet, de Natuurbeschermingswet 1998 en door GS voor het milieudeel van de omgevingsvergunning wanneer het college van B&W bevoegd gezag is.

Bron: Staatsblad 2010, 143

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
   

 Contact


Naomi Priems
06 5049 5021

 ARCADIS en Wabo

Invoering van de omgevings- vergunning. Eén gezamenlijk doel, één gezamenlijke aanpak.

Het gezamenlijke doel van gemeenten en ARCADIS is helder: de realisatie van een transparante organisatie die zegt wat ze doet en doet wat ze zegt.

Een organisatie die volledig is voorbereid op het werken met de omgevingsvergunning. Vanuit dit doel is de aanpak van ARCADIS afgestemd op de wensen van gemeenten. Een aanpak die zich kenmerkt door een pragmatische en concrete insteek

 Overige onderwerpen

test