Uitstoot broeikasgassen
De Vereniging van Ondernemingen van Betonmortelfabrikanten in Nederland (VOBN) heeft ARCADIS opdracht gegeven een onderzoek uit te voeren naar de uitstoot van broeikasgassen door de productie van betonmortel. Het eerste doel is het inzichtelijk maken van de verschillende bronnen van CO2-emissie in het proces en hun bijdrage aan de totale uitstoot. Het tweede doel is het onderzoeken van mogelijke aanpassingen in het proces die leiden tot verlaging van de uitstoot.
De werkwijze
Om de totale emissie van de betonmortelindustrie te berekenen, dient eerst een gemiddelde CO2-emissie per productie-eenheid bepaald te worden. In overleg met de opdrachtgever is besloten de gemiddelde emissiewaarde te bepalen door het proces van een ‘gemiddelde’ betonmortelcentrale in Nederland onder de loep te nemen. Tijdens een meeting op locatie is het proces doorgenomen. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen de verschillende grondstoffen en de verschillende soorten energie die worden verbruikt.
Gehanteerd protocol
De CO2-emissies zijn in kaart gebracht met behulp van het Greenhouse Gas Protocol (GHG protocol). Het GHG-protocol is een wereldwijd geaccepteerde methode om de emissie van broeikasgassen, zoals CO2 van een land, branche of bedrijf in kaart te brengen. Dit protocol maakt consequent onderscheid tussen emissies die rechtstreeks en indirect aan het product of productieproces zijn toe te schrijven. Dit is om twee redenen van belang. In de eerste plaats om een helder onderscheid te maken tussen factoren die wel en niet rechtstreeks beïnvloedbaar zijn. Een bedrijf of consument heeft meestal meer invloed op de eigen activiteiten dan op de activiteiten die door toeleveranciers worden uitgeoefend. In de tweede plaats om – bij meer grootschalige inventarisaties (bijvoorbeeld op het niveau van een land) – dubbeltellingen te voorkomen. Zo zou het onjuist zijn om de emissies van een energiecentrale zowel toe te rekenen aan de centrale als aan de afnemer.